Gebruik van boomstammen op hun volle sterkte
Het idee vertrekt vanuit het besef dat de boom een uiterst verfijnde constructieve logica bezit. In plaats van hout te reduceren tot gestandaardiseerde balken probeer ik met deze benadering de sterkte, vorm en groeiwijze van bomen maximaal te benutten. Dat leidt tot minder materiaalverlies, een efficiëntere constructie en een bijzondere architectonische expressie.
De vezelstructuur, verdikkingen en vertakkingen zijn het resultaat van langdurige aanpassing aan krachten zoals wind, zwaartekracht en belasting waardoor de structuur exact daar sterker is waar de spanningen groter zijn. Door de knopen, vorken, krommingen, variërende diameters niet weg te zagen maar te integreren ontstaat een constructie die aansluit bij deze natuurlijke optimalisatie.
In klassieke houtbouw worden knopen gezien als zwakke plekken terwijl het in werkelijkheid vezelverdichtingen zijn, plaatsen waar meerdere krachten samenkomen en daardoor ideaal als natuurlijke knooppunten in ruimtelijke structuren. Een groot deel van houtafval ontstaat door het rechttrekken van krom hout, het wegzagen van vertakkingen en standaardisering voor maatvoering. Door bomen vormgericht te selecteren in plaats van te zagen op maat stijgt het materiaalrendement, De natuurlijke vertakkingen maken het mogelijk om lasten op te splitsen, steunpunten strategisch te positioneren, grote overspanningen te vermijden, een netwerk van kortere draaglijnen te realiseren waardoor het materiaal efficiënter wordt belast en een constructie ontstaat die structureel leesbaar is. Het leidt tot een architectuur die elke ruimte uniek maakt en de herkomst van het materiaal toont. Door gebruik te maken van digitale tools (3D-scanning, parametrisch ontwerp) wordt het mogelijk elke stam individueel in te passen. Dit is geen nostalgische terugkeer naar het verleden, maar een radicaal eigentijdse synthese van ecologie, technologie en architectonische expressie.
Het gebruik van hout in architectuur kan niet los worden gezien van zijn rol in de koolstofcyclus. In tegenstelling tot staal en beton, die gepaard gaan met hoge CO₂-emissies tijdens productie, functioneert hout als opgeslagen koolstof. Wanneer bouwen met natuurlijke intelligentie massief hout inzet, minimale bewerking vereist, en een lange levensduur nastreeft verandert het gebouw in een actieve koolstofopslag in plaats van een emissiebron. Onder voorwaarde dat ze expliciet gekoppeld wordt aan duurzaam bosbeheer, heraanplanting en lange rotatiecycli wordt architectuur onderdeel van een cyclisch systeem waarin gebouwen niet losstaan van ecologie maar deel uitmaken van langzame natuurlijke processen